De wet elektronische handtekeningen is op 21 mei 2003 in werking getreden. De wet geeft het juridisch kader voor het gebruik van elektronische handtekeningen en is onderdeel van het Burgerlijk Wetboek.
De wet schrijft niet voor met welke techniek een elektronische handtekening moet worden aangemaakt. Wel zijn eisen geformuleerd om de veiligheid en betrouwbaarheid te waarborgen. Zo moet de handtekening op unieke wijze aan de ondertekenaar zijn verbonden. Ook moet de handtekening tot stand zijn gekomen met middelen die de ondertekenaar onder zijn uitsluitende controle kan houden. Wijzigingen die achteraf aan de handtekening zijn aangebracht, moeten kunnen worden opgespoord. Als een elektronische handtekening aan al die eisen voldoet, wordt ze juridisch gelijkgesteld aan een 'gewone' handtekening. Ze heeft dan dezelfde rechtskracht als een handgeschreven handtekening in de gegeven omstandigheden zou hebben.
Zie: tekst Wet elektronische handtekeningen
Zie: Memorie van toelichting
Zie: tekst Besluit elektronische handtekeningen