Nieuwsbericht | 04-05-2010
Binnen niet al te lange tijd zijn er geen mensen meer die ons kunnen vertellen over de Tweede Wereldoorlog. Vanaf die tijd zijn oorlogsarchieven onze belangrijkste informatiebron. Oorlogsarchieven zijn archieven van overheidsinstellingen en particulieren die – direct of indirect – zijn ontstaan als gevolg van de Duitse inval in Nederland in mei 1940 en de Japanse bezetting in Nederlands-Indië. Ook archieven van overheidsinstellingen, die al bestonden in 1940 maar die tijdens de oorlog ingrijpend van karakter zijn veranderd, vallen hieronder. Daarnaast gaat het om archieven die na de oorlog zijn gevormd en die betrekking hebben op de nasleep van de oorlog.
Een groot deel van de oorlogsarchieven zoals bijvoorbeeld de archieven van de Bijzondere rechtspleging en de archieven van de ministeries die in de periode 1940-1945 in Londen resideerden zijn al in het beheer bij het Nationaal Archief. Ook de regionaal historische centra in de provincie, gemeentelijke archiefdiensten en natuurlijk het NIOD beschikken over oorlogsarchieven. Toch zijn er nog steeds oorlogsarchieven die nog niet in de omstandigheden bewaard worden die een archiefbewaarplaats kan bieden. Deze zijn in beheer bij overheidsorganisaties die deze archieven al lang geleden hadden moet overdragen.
Mede dankzij de Erfgoedinspectie zijn gelukkig onlangs twee belangrijke archieven veilig gesteld. Het eerste archief betreft het archief van de Stichting Rechtsherstel Sinti en Roma (SRSR). De Sinti- en Romagemeenschap is tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog zwaar getroffen. Na de Tweede Wereldoorlog zijn de Sinti en Roma, die vóór 8 mei 1945 in Nederland verbleven, grotendeels buiten het rechtsherstel gebleven. In 2000 is dit hersteld en heeft de Nederlandse regering SRSR geld in beheer gegeven bedoeld voor individuele uitkeringen èn collectieve projecten ten bate van de Sinti- en Romagemeenschap. Conform het regeringsbesluit uit 2000 heeft de Stichting Rechtsherstel Sinti en Roma op 31 december 2009 haar werkzaamheden beëindigd. De taken en activiteiten van de SRSR zijn grotendeels overgenomen door het Nederlands Instituut Sinti en Roma, maar de archieven van de stichting zullen aan het Nationaal Archief worden overgedragen. Deze archieven bevatten met de individuele aanvragen, familiedossiers en aanvragen voor collectieve projecten een schat aan informatie voor toekomstige onderzoekers. In het inspectieprogramma van de Erfgoedinspectie naar de basisvoorwaarden voor een goed archiefbeheer is de SRSR in 2009 geïnspecteerd. Met de directeur van de Stichting zijn toen afspraken gemaakt over de selectielijst en vervroegde overbrenging.
Een tweede archief is het archief van stichting het Gebaar, een vergelijkbare stichting. Het Gebaar was een tegemoetkoming aan de Indische gemeenschap. Ook in 2000 besloot de Nederlandse regering via het Gebaar 350 miljoen gulden voor individuele uitkeringen en 35 miljoen gulden voor collectieve doelen beschikbaar te stellen. Tijdens haar bestaan bouwde Stichting Het Gebaar een belangrijk archief op. Het Gebaar is eveneens in het kader van het eerdergenoemde inspectieprogramma door de Erfgoedinspectie bezocht. Met de bestuurder van de Stichting Afwikkeling Het Gebaar is toen overeengekomen dat het archief aan het Nationaal Archief zou worden overgebracht. Inmiddels is het Nationaal Archief is nu in het bezit van het digitale archief van de individuele tegemoetkomingen en van het bestuursarchief.
Dankzij de gezamenlijk inspanning van de genoemde stichtingen, de Erfgoedinspectie, de Eenheid Oorlogsgetroffenen en Herinnering WO II van het Ministerie van VWS en het Nationaal Archief kunnen betrokkenen en hun nabestaanden, historici en onderzoekers er in de toekomst van verzekerd zijn dat belangrijk bronnenmateriaal van deze Stichtingen bewaard zal blijven.
Via de monitor Erfgoedinspectie, vervolginspecties en enkele bijzondere dossiers die onder de aandacht van de Erfgoedinspectie zijn gekomen weten wij echter dat er nog ten minste 14 overheidsorganisaties zijn die archief in beheer hebben uit de periode 1940-1945, waaronder enkele rechtbanken. Daarom is extra aandacht gerechtvaardigd en hebben deze archieven de komende periode de bijzondere aandacht van de Erfgoedinspectie.