Nieuwsbericht | 17-11-2010
Op 7 oktober 2010 hield de heer mr. W. Davids de zevende Ketelaarlezing. De Ketelaarlezing is een initiatief van de KVAN en wordt jaarlijks ter ere van de heer Ketelaar gehouden.
De lezing ging in op de opportuniteit van blijvende rubricering van overheidsinformatie en had als titel: Gerubriceerd staatsgeheim. Zeer geheim, geheim, confidentieel, vertrouwelijk.
De heer Davids was voorzitter van de Commissie die in 2009 op verzoek van het kabinet de besluitvorming over de Nederlandse steun aan de oorlog in Irak onderzocht en daarover begin dit jaar rapporteerde. Tijdens dit onderzoek stuitte ze regelmatig op stukken die als staatsgeheim waren 'gemerkt'. Hoewel de Commissie volop toegang had tot de stukken, heeft ze zich wel afgevraagd of sommige stukken nog terecht gerubriceerd waren (rubriceren is het vaststellen en aangeven dat een gegeven bijzondere informatie is en het bepalen en aangeven van de mate van beveiliging die aan deze informatie moet worden gegeven). Haar aanbeveling luidde dan ook de stukken periodiek te toetsen op voortzetting van rubricering of derubricering.
In zijn lezing benaderde de heer Davids de problematiek van twee kanten: van de kant van de regelgeving en van de kant van de uitvoering. Hij concludeerde dat de regelgeving geen beletselen opwerpt om tijdig te derubriceren, maar dat de praktijk weerbarstiger was. De regelgeving is neergelegd in het kabinetsbesluit 'Voorschrift informatiebeveiliging rijksdienst – bijzondere informatie'. De regelgeving maakt het namelijk zeer wel mogelijk te derubriceren, maar in de praktijk gebeurt dat niet of te weinig. Hierbij komt nog dat dossiers vaak als geheel het 'stempel' staatsgeheim krijgen als daarin maar enkele staatsgeheime stukken voorkomen.
Naar aanleiding van de discussie trok de algemene rijksarchivaris de conclusie dat rubricering onbeheersbaarder wordt, naarmate de omvang toeneemt. Hij vond verder dat matiging bij rubricering de norm zou moeten zijn en dat er zo min mogelijk 'geblokt' zou moeten worden, waarmee bedoeld wordt dat het geheime karakter van sommige stukken niet het gehele dossier geheim zou moeten maken. De algemeen rijksarchivaris adviseert binnenkort, mede op basis van recente contacten met de National Archives van de Verenigde Staten, over een aanpak om serieus om te gaan met de voorgestane tijdige derubricering van staatsgeheimen. Als dat een succes wordt, kunnen burgers gemakkelijker toegang krijgen tot de overheidsarchieven.
De volledige tekst van de Ketelaarlezing vindt u in PDF op de website van het Nationaal Archief. Daar vindt u ook een link naar de podcast.